<        TSL 16 – REDACTIONEEL       >



We beginnen dit nummer met een aantal uitspraken van Aleksander Solzjenitsyn die, na het voltooien van zijn magnum opus over de Russische revolutie, 'Het rode rad', besloten heeft naar zijn land terug te keren. Hij had een eventuele terugkeer afhankelijk gesteld van de ongecensureerde publikatie in Rusland van al zijn werk, inclusief het geruchtmakende De Goelag Archipel. Het verschijnen in hetWesten van dit werk was, in 1974, de directe aanleiding geweest voor zijn gedwongen emigratie. Solzjenitsyn heeft duidelijke ideeën over wat er in zijn land dient te veranderen. We zullen moeten afwachten of hij (weer) een figuur van betekenis zal worden in het maatschappelijke leven in Rusland.

Verder in dit nummer een mooi verhaal van de bijna twintig jaar geleden overleden schrijver en filmregisseur Vasili Sjoeksjin en twee 'postmodernistische' verhalen van Vladimir Sorokin, vorig jaar een van de genomineerden voor de recentelijk ingestelde Russische Booker-prijs. De klassieke Russische literatuur is vertegenwoordigd met een artikel over Poesjkin enmet poëzie van een van Poesjkins voorlopers, Konstantin Batjoesjkov.

De Russische literatuur omraamt bijdragen over de Poolse literatuur (Leopold Tyrmand, Zbigniew Herbert en Maria Nurowska) en een uitvoerige beschouwing over recente veranderingen in de Bulgaarse schrijverswereld. Aan het slot is er de vertrouwde rubriek 'Recensies en signalementen' en, weliswaar later dan aangekondigd, maar niettemin (en niet zonder inspanning!) gerealiseerde 'Bibliografie van vertalingen en recensies' over 1990.

December 1993



<        TSL 16       >