<       TSL 44 – REDACTIONEEL       >



Omdat het getal 44 een niet onbelangrijke rol speelt in de getallenkabbalistiek, leek het de redactie van TSL een goed idee dit nieuwe nummer – 44 – te wijden aan het getal in de Slavische literatuur. We openen met een amusant verhaal van de Poolse sf-schrijver Stanisław Lem en komen via een gedicht van Daniil Charms uit bij een auteur die zich zeer uitvoerig met getallen heeft beziggehouden, de Russische dichter Velimir Chlebnikov. Ervan overtuigd dat er een bepaalde regelmaat zit in de opeenvolging van belangrijke gebeurtenissen heeft Chlebnikov geprobeerd de ‘wetten van de tijd’ te ontdekken, waarvoor hij zeer uitvoerige berekeningen heeft gemaakt. Op grond van die berekeningen voorspelde hij onder andere dat er in 1917 een groot rijk ten onder zou gaan.

Ook de Tsjechische literatuur levert getallen: in gedichten van Vítĕslav Nezval en Václav Havel en in een verhaal van Karel Čapek. Polen, in de figuur van de dichter Adam Mickiewicz, levert een mogelijke sleutel voor de betekenis van het getal 44, maar uiteindelijk wordt dit raadsel toch niet opgelost.

Als Tijdschrift voor Slavische Literatuur zijn we natuurlijk zeer ingenomen met de toekenning van de Nijhoffprijs 2006 aan een vertaler op het gebied van de Slavische literaturen. Met de prijswinnaar dit jaar, Arthur Langeveld, vertaler van zowel klassieke als moderne Russische literatuur, had Cees Willemsen een uitvoerig interview. In het interview komen, naast zaken die betrekking hebben op het vertalen, ook aspecten van de geschiedenis van de slavistiek in Nederland aan de orde.

De rest van het nummer bestaat uit een verhaal van de Russische schrijver Boris Jevsejev, een korte introductie van de Servische auteur Aleksandar Gatalica en een overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen in de Tsjechische literatuur gedurende de afgelopen vijftig tot zestig jaar.

Oktober 2006



<       TSL 46       >